Territoriale restricties binnen de Dance

Onlangs laaide de discussie weer op aangaande territoriale restricties voor digitale downloads. Lees hier wat Denis Doeland in April aangaande dit onderwerp publiceerde op zijn persoonlijke blog.

Bijna 5 jaar geleden begonnen mijn collega Peter Hillebrands en ik onder de vlag van de ID&T groep aan de opzet van Dance-Tunes, een downloadplatform voor Dance-muziek. Ons businessplan was, ingegeven door Duncan Stutterheim, het ‘Easyjet’ van het downloadlandschap te worden. 0,49 Euro voor DRM-vrije MP3’s, een echte prijsvechter zouden we worden. Vol goede moed maakten we een klein businessplannetje voor de Buma/Stemra en hielden we in oktober 2004 onze presentatie voor ons nieuwe platform tijdens het Amsterdam Dance Event, in het helaas wijlen restaurant Cineac, voor de internationale Dance-georiënteerde muziekindustrie.

We stuitten al snel op weerstand, geen DRM en een te lage verkoopprijs. Daarnaast wilden we via Dance-Tunes de muziek wereldwijd aanbieden. Het tarief van de Buma/Stemra liet de verkoopprijs niet toe en ook de platenmaatschappijen waren in het begin niet al te enthousiast. Doch gaven vele platenmaatschappijen ons in het begin het voordeel van de twijfel. Ook van de Buma/Stemra kregen we de medewerking. We konden beginnen. Eindelijk! Zes tot twaalf maanden later hadden we naast de platenmaatschappijen, die ons in het begin gesteund hebben, de rest ook aan boord. We verkochten wereldwijd DRM-vrije MP3’s voor een consumentenprijs van 0,99 Euro (later werd deze prijs verhoogd naar 1,49 Euro).

We hadden het idee dat de Dance-industrie ‘Out of the Box’ dacht. Onze gesprekken met de Majors verliepen immers stroef. Men zag wel in dat Dance-Tunes een toegevoegde waarde op het gebied van Dance was voor de Nederlandse muziekmarkt, maar kon ons helaas geen licenties verschaffen daar Dance-Tunes immers DRM-vrije muziek verkocht. Medio 2008 gingen uiteindelijk alle Majors overstag door hun repertoire toch DRM-vrij aan te bieden. Blijkbaar hadden de Dance-maatschappijen zo’n 5 jaar gelden al een vooruitziende blik.

Het werd onlangs duidelijk dat de Dance-industrie – in dit geval de platenmaatschappijen – niet helemaal ‘Out of the box’ denkt. Voor de zoveelste keer in het bijna 5-jarig bestaan kregen we bij Dance-Tunes een bericht of we van een bepaald label er voor willen zorgen dat klanten die uit een bepaald land komen niet de muziek bij de downloadwinkel van hun keuze kunnen kopen. Een zogenaamde ‘territoriale restrictie’. Een klant die niet uit het land van de downloadwinkel komt mag zijn favoriete muziek niet downloaden of de downloadwinkel mag de muziek niet de klant niet aanbieden in zijn land, maar wel daar buiten. In vergelijking met de fysieke wereld doet de volgende situatie zich dan voor. Een Amerikaanse trance liefhebber, die ook op zijn tijd van een jointje houdt, het niet schuwt om de dames van plezier een bezoekje te brengen in Amsterdam en ook van grote Dance-evenementen houdt besluit om naar Nederland te gaan. Eenmaal aangekomen op Schiphol pakt hij de trein Amsterdam, alwaar hij bij het Centraal Station aangekomen zijn weg vervolgt richting de Dam. Hij loopt de vestiging van FAME in de Kalverstraat binnen, haalt de CD’s van Tiesto en Armin van Buuren uit het rek en gaat afrekenen bij de kassa. De kassabediende zegt na de creditcard van de Amerikaan te hebben aangenomen ‘mag ik uw legitimatie zien’ waarop de Amerikaan deze toont. De kassabediende deelt de Amerikaan vervolgens dat hij de CD’s niet kan verkopen daar hij uit Amerika komt en de CD’s niet mee naar Amerika mag nemen. Echter gebeurt het voorstaande niet in de fysieke wereld, maar in de digitale wereld blijkbaar wel door ‘territoriale restricties’.

Internet is een globaal fenomeen. Websites zijn te bezoeken vanuit de gehele wereld. Toch is het inmiddels duidelijk in de internetbusiness dat wanneer een internetdienst lokaal gevestigd is en lokaal aan de man gebracht wordt, er lokaal meer bezoekers komen dan van buiten het betreffende territorium. Voorbeelden hiervan zijn Hyves, dat groter is dan MySpace, Facebook en Bebo bij elkaar en Bol.com dat groter is dan Amazon.com in Nederland. Musicload.de een significant grotere rol dan iTunes speelt in Duitsland. Bij Dance-Tunes komt meer dan 70% van de klanten uit Nederland, 10% uit België en 20% uit de rest van de Wereld, dit komt feitelijk doordat Dance-Tunes via Dance-evenementen in Nederland haar dienst aan de man gebracht heeft.

Dezer dagen moeten we als Dance-industrie onze handen dicht knijpen als iemand die online muziek download hier ook nog eens voor wil betalen, kijkend naar de cijfers van de IFPI. Tijdens de afgelopen Midem bleek dat 95% van alle digitale muziek nog steeds illegaal verkregen wordt.

De Dance-industrie die in eerste instantie ‘Out of the Box’ dacht door DRM-vrij muziek aan te bieden lijkt enigszins terug in ‘the Box’ te willen stappen. Een gevaarlijke ontwikkeling. De consument, als men kijkt naar internet als een winkelstraat, wordt gedwongen om bij een bepaalde winkel te kopen waar hij nog nooit is geweest, het bestaan niet eens van weet of gewoonweg niet wil kopen. Het levert in ieder geval geen bijdrage aan het gevoel van vertrouwen voor mogelijke consumenten die wel willen betalen voor digitale muziek. Laat staan dat het een positieve bijdrage levert aan de groei van de downloadmarkt ten opzichte van de illegale ‘markt’. Immers als deze consumenten niet bij hun favoriete winkels hun muziek kunnen kopen dan ligt het gevaar op de loer dat zij steeds weer terug zullen grijpen naar LimeWire, Soulseeker, Nieuwsgroepen of Torrentsites. Als zij dat toch al niet doen, illegaal downloaden van muziek heeft namelijk duidelijk nog steeds de overhand. Voor de goede orde, herinneren we ons nog dat het afschermen van rechten op muziek er in 1999 toe heeft geleid dat het illegaal downloaden in de hand is gewerkt (Napster).

Het is wel te begrijpen waar ‘territoriale restricties’ vandaan komen. Dit is een ‘verouderde’ vorm van exploitatie van muziek door licentiepartners in andere territoria dan waar de originele platenmaatschappij of repertoire-eigenaar van origine gevestigd is. Het (exclusieve) recht wordt middels een licentie gegeven om van hun master reproducties te maken die gedistribueerd mogen worden, sublicenties te verschaffen voor het gebruik op fysieke compilaties of sublicenties te verschaffen aan digitale muziekdiensten in een bepaald territorium. Meestal wanneer er een substantieel voorschot op de toekomstige licentie-inkomsten uit het territorium wordt geboden door de desbetreffende licentienemer, hetgeen natuurlijk aantrekkelijk is in deze zware moeilijke economische tijden. Blijkbaar worden deze ‘verouderde’ licentieovereenkomsten nog steeds gesloten of gelden er nog steeds ‘verouderde’ overeenkomsten voor bepaald repertoire, doordat de licentieperiode steeds verlengd is zonder dat er gekeken is naar de inhoud van de overeenkomst of deze nog wel up-to-date is.

Een licentiegever is niet in staat zelf zijn repertoire te verkopen in een bepaald territorium. Dat is een van de voornaamste redenen waarom hij kiest voor een licentiepartner. Hiermee wordt de licentienemer voor een bepaald territorium naar lokale online muziekdiensten (sub)licentiegever.
Uiteindelijk gaat het bij de voornoemde licentieovereenkomsten over geldstromen. Wie betaald wie? De licentienemer betaald de licentiegever voor het exploiteren van het repertoire van licentiegever in een bepaald territorium. Dance-maatschappijen zouden er verstandig aan doen hun nieuwe of huidige overeenkomsten nog eens onder de loep nemen. Het volgende zou een welkome aanvulling zijn. We noemen het de ‘allocated income’ clausule. Elke digitale muziekdienst weet waar haar klanten vandaan komen. Dit wordt in hun databases bijgehouden. Feitelijk kun je spreken van inkomsten waarvan bekend is waar ze vandaan komen. Als blijkt dat de licentienemer inkomsten ontvangt uit digitale exploitatie uit andere territoria dan waar hij de rechten voor verkregen heeft zal hij licentiegever of door de licentiegever aan te wijzen derden voor bepaalde territoria de volledige inkomsten doorbetalen minus een administratievergoeding (bijvoorbeeld 10%, 15%, 20% afhankelijk hetgeen partijen onderhandelen).

Zo nodig uitgesplitst zodat licentiegever en haar eventuele andere licentienemer(s) voor een ander territorium of andere territoria er inkomsten voor ontvangen (zie figuur 1: flow model license income). Voor de goede vermeld ik hierbij dat er meerdere doorbetaling-mogelijkheden zijn (figuur 2: license income grid) .

De beperking die in de licentieovereenkomst zou kunnen worden toegevoegd ten behoeve van het territoriale exploitatierecht is dat de licentienemer niet ‘actief’ het repertoire aanbied in de territoria waarvoor hij de exploitatierechten niet heeft verkregen. Het gaat dan om passief verkregen digitale inkomsten, die de originele repertoire-eigenaar of zijn vertegenwoordiger daarvan waarschijnlijk nimmer zou ontvangen hebben.
De ‘Allocated Income’ clausule is feitelijk een ‘win-win’ situatie voor alle betrokken partijen. Daarmee worden in feite de inkomsten, die toch al zo moeilijk te verkrijgen zijn in deze zware tijden -waarbij illegaal downloaden nog steeds de boventoon voert – gekoesterd. In plaats dat partijen elkaar in de wielen rijden ten faveure van de illegale downloaddiensten dient te worden gekeken naar een constructieve oplossing ten faveure van de klant die graag wil betalen voor zijn muziek, maar door ‘verouderde’ mechanismen dat niet kan.

Dance-industrie stap weer uit ‘the Box’ ….. Zonodig stel ik mij beschikbaar om met jullie over het bovenstaande van gedachten te wisselen tijdens een lunch, diner of gewoon aan de bar tijdens een van de vele conferenties of evenementen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s